nederlandse liedjes liedjessite liedjeswebsite







In de Overtuin

De website waar muziek in zit !








Home

Volksliedjes A
Volksliedjes B
Volksliedjes C
Volksliedjes D
Volksliedjes E
Volksliedjes F
Volksliedjes G
Volksliedjes H
Volksliedjes I
Volksliedjes J
Volksliedjes K
Volksliedjes L
Volksliedjes M
Volksliedjes N
Volksliedjes O
Volksliedjes P
Volksliedjes R
Volksliedjes S
Volksliedjes T
Volksliedjes U
Volksliedjes V
Volksliedjes W  /  Wi
Volksliedjes IJ
Volksliedjes Z

Wilhelmus

Volkslied provincies

Zoek op alfabet / thema

















Info

Inhoud website:
volksliedjes - nederlandse volksliedjes K - ruim 150 oude bekende traditionele volksliederen - tekst en muziek - midi bladmuziek - complete teksten klassieke oude liedjes tekst en muziek nederlands volkslied nederland nederlands lied liedje nederlandstalig volksliedje nederlandstalige liederen

nederlandse volksliedjes nederlands volksliedjes bladmuziek volksliedjes.nl volksliedjes midi volksliedjes teksten

Trefwoorden: songtekst songteksten songtext liedtekst liedteksten ouderwets ouderwetse liedjes van vroeger liederen uit grootmoeders tijd nederlandse liedjes nederland holland hollandse liedjes liedboekjes zingen meezingen luisteren beluisteren oud liedje uit het verleden jeugd vorige eeuw auteur componist volksmuziek liedblaadjes muziekgeschiedenis

met muziek melodie mp3 midi bladmuziek muzieknotatie met noten muzieknoten notenschrift wijs wijsje pianomuziek piano

Varianten: een karretje op de zandweg reed het karretje op de zandweg reed kleine waterdroppelen kleine korrelen zand kleine waterdruppelen kleine waterdruppels kleine korrels zand vormen samen de trotse zee lied scharensliep liedje van de scharenslijper kwezeltje wil je dansen
Nederlandse volksliedjes
 ∼  K  ∼ 


   




Een karretje op een zandweg reed
de maan scheen helder, de weg was breed
het paardje liep met lusten.
'k Wed dat het zelf zijn weg wel vindt
de voerman lei te rusten.

Ik wensch je wèl thuis, mêvrind, mêvrind,
ik wensch je wèl thuis, mêvrind!

Een karretje reed langs berg en dal
de nacht was donker, de weg was smal
het paard liep als met vleugels.
De sneeuwjacht zweept zijn oogen blind
de voerman houdt de teugels.

Ik wensch je wèl thuis, mêvrind, mêvrind,
ik wensch je wèl thuis, mêvrind!

Eén karretje keert behouden weêr
het ander heeft er geen voerman meer
waar mag hij zijn gebleven?
'k Wed dat je 'em op den zandweg vindt
of moog'lijk wel daarneven.

Hij komt niet weer thuis, die vrind, die vrind,
hij komt niet weer thuis, die vrind!


bladmuziek     vergroting

Bekend onder de titel: 'Twee voerlui'.

Tekst: J.P. Heije.
Muziek: J.J. Viotta.

Dit lied is o.m. opgenomen in:
J.P. Heije, Nederlandsche liederen (1865)
Lange, Riemsdijk en Kalff, Nederlandsch volksliederenboek (1913)
M. Coune, De Vlaamsche Zanger (1928)
Veldkamp en De Boer, Kun je nog zingen (1911, 1938, 1972)
(zie: Bronnen).







Klein vogelijn op groenen tak
wat zingt g' een lustig lied!
Wij hebben in ons heele boek
zoo'n vroolijk wijsje niet.
O, zeg ons, zeg ons, aardig beest
wie toch uw meester is geweest,
o, zeg ons, zeg ons, aardig beest
wie toch uw meester is geweest.

Zoo zuiver zingt gij en zoo hoog
zoo keurig in de maat
en 't hart, dat popelt ons van vreugd
wanneer uw keeltje gaat.
O, zeg ons, zeg ons, aardig beest
wie toch uw meester is geweest,
o, zeg ons, zeg ons, aardig beest
wie toch uw meester is geweest.

Voorzeker 't is de goede God!
Die 't u heeft toebetrouwd
opdat gij aan der blinden oor
zijn goedheid melden zoudt.
O ja, we weten 't, aardig beest
dat God uw meester is geweest,
o ja, we weten 't, aardig beest
dat God uw meester is geweest.


bladmuziek     vergroting

Tekst: J.P. Heije.
Muziek: W. Smits.

Dit lied is o.m. opgenomen in:
J.P. Heije, Volksdichten (1876)
Lange, Riemsdijk en Kalff, Nederlandsch volksliederenboek (1913)
Veldkamp en De Boer, Kun je nog zingen (1911, 1938, 1972)
(zie: Bronnen).







Kleine waterdropp'len
kleine korr'len zand
vormen zaam de trotsche zee
en het schoone land.

Kleine lieve daden
woordjes teer en zacht
hebben vaak in 't kleinste huis
't grootst geluk gebracht.


bladmuziek     vergroting

Bekend onder de titel: 'De macht van 't kleine'.

Muziek: Catharina van Rennes.
Vertaald uit het Engels.

Dit lied is o.m. opgenomen in:
Voorjaarsbloemen, 12 kinderliedjes (z.j.)
Veldkamp en De Boer, Kun je nog zingen (1938, 1972)
(zie: Bronnen).







Kling klang, klink klang! Over het woud
galmen de klokken als eng'lengezang.
Vleiend met tonen van zilver en goud:
Kling klang, kling klang, kling klang, klang!

Kling klang, klink klang! Statig van stem
roepen de klokken met streelenden drang.
Nadert, o, nadert, o nadert tot Hem:
Kling klang, kling klang, kling klang, klang!


bladmuziek     vergroting

Canon.
Bekend onder de titel: 'De kerk in 't bosch'.

Tekst: A. Winkler Prins.
Muziek: R. Hol.

Dit lied is o.m. opgenomen in:
Veldkamp en De Boer, Kun je nog zingen (1911, 1938, 1972)
(zie: Bronnen).







't Knaapje zag een roosje staan
't roosjen op de heide
't had zoo'n keurig kleedjen aan
snel is hij erheen gegaan
't was of het hem beidde.

Roosje, roosje, roosje rood
roosjen op de heide!

't Knaapje zei: "Ik pluk u af
roosjen op de heide".
't Roosje zei: "Ik weer u af
en ik prik u voor uw straf
wilt gij, dat ik lijde?'

Roosje, roosje, roosje rood
roosjen op de heide!

En het wilde knaapje brak
't roosjen op de heide.
't Roosje weerde zich en stak
maar de knaap rukt van den tak
't roosjen op de heide.

Roosje, roosje, roosje rood
roosjen op de heide!


bladmuziek     vergroting

Bekend onder de titel: 'Het roosje'.

Tekst: naar Goethe.
Muziek: H. Werner.

Dit lied is o.m. opgenomen in:
Veldkamp en De Boer, Kun je nog zingen (1911, 1938, 1972)
(zie: Bronnen).







Koeltjes suiz'len, doen rits'len het loover
brengen de geuren der bloemen ons over.
Winden leenen hun diensten den menschen:
voeren den zeeman naar 't land zijner wenschen
drijven de schepen vlug voor zich henen
draaien gedienstig de molensteenen.

Maar plots'ling breekt de stormwind los
en vliegt vernielende door het bosch
en rukt daar de takken van krachtige eiken
vernielt groote schepen en beukt hooge dijken.
En altijd blijkt zijn vernielende aard
zoo doet de storm in zijn teug'looze vaart,
en altijd blijkt zijn vernielende aard
zoo doet de storm in zijn teug'looze vaart.


Bekend onder de titel: 'De wind'.

Tekst en muziek: C.J.C. Geerlings.

Dit lied is o.m. opgenomen in:
Veldkamp en De Boer, Kun je nog zingen (1911, 1938, 1972)
(zie: Bronnen).







Komt en laat ons dansen, springen
komt en laat ons vrolijk zijn.


bladmuziek     vergroting

Canon.

Dit lied is o.m. opgenomen in:
Pollmann en Tiggers, Nederlands Volkslied (1941, 1956, 1977)
(zie: Bronnen).







Komt hier al bij, aanhoort deez' klucht
het is van Pierlala
een drollig ventje vol genucht
de vreugd van zijn papa.
Wat in zijn leven is geschied
dat zult gij horen in dit lied:
't is al van Pierlala, sa, sa
't is al van Pierlala.

Zo zeer was Pierlala bemind
van vaartjen en moertjen t'saam
zij zeiden: Hoor eens, lieve kind
ons enig erfgenaam
gij wordt haast meester van ons goed
daarom zie wel toe wat gij doet.
't Is wel, zei Pierlala, sa, sa
't is wel, zei Pierlala.

Maar als nu was den vader dood
och armen! Pierlala
die heeft zijn vrienden al genood
op 't uitvaart van papa.
Hij hield niet veel van lekkernij
hij gaf ze t' eten pap en brij.
't Is bon, zei Pierlala, sa, sa
't is bon, zei Pierlala.

Daarvan werd Pierlala zo dul
dat hij raakte op den loop
en met zijn makkers in den krul
liep zuipen stoop op stoop.
Als hij dan thuis kwam vol en zat
hij gaf zijn wijf een schop in 't gat.
Hou daar, zei Pierlala, sa, sa
hou daar, zei Pierlala.

Omdat dit hem stak in de kop
heeft hij veel geld verteerd.
Maar als zijn schijven waren op
sprak hij: Ik ben geleerd
hoe dat van trouwen komt profijt
ziedaar ik ben mijn schijven kwijt.
't Is op, zei Pierlala, sa, sa
't is op, zei Pierlala.

Als hij had al zijn geld verbruid
dan wist hij genen raad
als hij om troost ging, elk was uit.
Dan stak hij zich soldaat.
Maar als hij exerceerde dan
en aanleid op een halve man,
'poef paf!', zei Pierlala, sa, sa
'poef paf!', zei Pierlala.

En Pierlala die had weer geld
zijn moeiken die was dood.
Hij deelde veel en was hersteld
hij sprak: 'k Zit nog in nood.
Was ik maar van die soldaterij
maar hoe zal ik dan raken vrij?
'k Weet raad, zei Pierlala, sa, sa
'k weet raad, zei Pierlala.

Als hij die drank nu binnen had,
sprak hij: 'k Ben nog meer krank.
't Is aan mijn hert, ik weet niet wat,
en ik leef geen uren lang!
Hij maakte dan zijn testament,
aan al zijn vrienden wel bekend.
Ik sterf, zei Pierlala, sa, sa
ik sterf, zei Pierlala.

Alsdan werd Pierlala gekist
met zijn twee billekens bloot
want niemand anders dacht of wist
of Pierlala was dood.
Hij werd begraven met den trom
de klokken luidden al bim, bam, bom.
't Gaat fraai, zei Pierlala, sa, sa
't gaat fraai, zei Pierlala.

Als hij nu was in 't graf, den tijd
van ontrent een halve uur
de vrienden gingen meer verblijd
als droef tezamen deur.
Hij schopte 't deksel van de kist
en kroop eruit, dat 't niemand wist.
Ik leef, zei Pierlala, sa, sa
ik leef, zei Pierlala.

Als Pierlala was nu hersteld
verzoende hij met zijn vrouw.
Hij kwiste voorts niet meer zijn geld
maar leefde in liefde en trouw.
En als er van zijn volk nog kwam
hem vragen: 'Zijde op ons nog gram?'
'Dat's uit!', zei Pierlala, sa, sa
'dat's uit!', zei Pierlala.


bladmuziek     vergroting

17e-eeuws lied.

'sa sa': gaat terug op het Franse 'ça ça' (of 'ç'est ça').

Pierlala jaagt zijn erfenis erdoor, door te feesten met zijn vrienden en te trouwen. Als zijn geld op is gaat hij noodgedwongen in dienst. Om uit het leger te komen, zet hij zijn eigen dood in scène.

Er zijn vele tekstvarianten op dit lied.
Vrijwel altijd wordt hij begraven om vervolgens uit de kist te springen; vaak om commentaar te leveren op de laatste politieke ontwikkelingen.

Dit lied is o.m. opgenomen in:
Nephtunis Zee-Wagen (1671)
Het Wydberoemde Overtoompje (1731)
J.F. Willems, Oude Vlaemsche liederen (1848)
Pollmann en Tiggers, Nederlands Volkslied (1941, 1956, 1977)







Komt vrienden, in het ronden
minnaars van enen stiel.
Ik zal u gaan verkonden
hoe ik door 't slijperswiel
den kost verdien voor vrouw en kind
schoon blootgesteld aan weer en wind.

Terlierelom terla
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been
ju ju ju ju ju ju ju ju!

De smid die moet hard werken
gestadig voor het vier.
Hij durft hem niet versterken
met ene kan goed bier.
Terwijl ik ga op mijn gemak
soms ook wel met een lege zak.

Terlierelom terla
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been
ju ju ju ju ju ju ju ju!

De schoenpik, stijf gezeten
op ene pikkelstoel
zou kaas en droog brood eten
maar als ik nood gevoel
dan slijp ik tot den avond toe
en zo heb ik nooit arremoe.

Terlierelom terla
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been
ju ju ju ju ju ju ju ju!

De kleerfrik maakt ons kleren
voor acht stuivers per dag.
Wil hij den loon vermeren
hij snijdt meer dan hij mag.
Maar ik met mijnen slijpersteen
ik win meer op één uur alleen.

Terlierelom terla
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been
ju ju ju ju ju ju ju ju!

De maalder moet gaan malen
tot in het fijnste meel.
Hij doet dubbel betalen
voor zijne droge keel.
Maar ik, door ijver en door vlijt
ik win mijn brood in eerlijkheid.

Terlierelom terla
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been
ju ju ju ju ju ju ju ju!

Mijn vrouw die roept victoria
over den slijpersstiel.
Zij vindt de grootste gloria
in 't draaien van mijn wiel.
Mijn kinders hebben geen ongemak
zij lopen met den bedelzak.

Terlierelom terla
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been
ju ju ju ju ju ju ju ju!

Tsa, vrienden, voor het leste
all' ambachten zijn goed
maar 't mijn is toch het beste
schoon ik soms slapen moet
op hooi en strooi in enen stal
dan heb 'k den kost voor niemendal.

Terlierelom terla
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been
ju ju ju ju ju ju ju ju!


bladmuziek     vergroting

stiel: ambacht / slijperswiel: gereedschap van een scharensliep

In dit liedje wordt de scharensliep vergeleken met verschillende
andere ambachtslieden (smid, schoenmaker, kleermaker, molenaar).

Dit lied is o.m. opgenomen in:
Het nieuw vermakelyke dans-school (ca. 1782)
J. Bols, Honderd oude Vlaamsche liederen (1897)
M. Coune, De Vlaamsche Zanger (1930)
Pollmann en Tiggers, Nederlands Volkslied (1941, 1956, 1977)
De stemvork (ca. 1950)
(zie: Bronnen).







Kom nu met zang van zoete tonen
en u met snarenspel verblijd
zing op en wilt alom betonen
dat gij van herten vrolijk zijt.
Juicht God ter eer, zijn lof vermeer
die zulk 'n groten werk
gedaan heeft voor zijn kerk.

In Israël was dat een wijze
valt met haar ook den Heer te voet.
Dat elk nu toch God roem' en prijze
die ons zoveel weldaden doet.
Roep overal met groot geschal:
lof, prijs en dank alleen
zij God, en anders geen.

De Heer heeft eertijds zijnen volke
geholpen uit veel angst en pijn.
Hij geeft ja wel een duister wolke
maar weer daarna schoon zonneschijn.
Lof zij die Heer, die ons ook weer
geeft, na veel smert en druk
veel zege en geluk.


bladmuziek     vergroting

wijze: gebruik

Tekst: A. Valerius.

Dit lied is o.m. opgenomen in:
A. Valerius, Nederlandtsche gedenck-clanck (1626)
D.F. Scheurleer, Van varen en van vechten (1914)
Pollmann en Tiggers, Nederlands Volkslied (1977)
(zie: Bronnen).









Liedblaadje Pierlala, 19e eeuw.
- liedbladen en straatliederen -




©  copyright bladmuziek en muziek:
klik hier.

   




Home       Kinderliedjes

Bronnen       Zoek       Links       Gastenboek       Colofon